Translation Polish - Dutch : uderzenie

Translation

(Show...)
     
1 bus
2 hit
3 krach
4 smak
5 zet
6 accent
7 beuken
8 blazen
9 bons
10 conflict
11 duw
12 flap
13 haak
14 haal
15 harde klap
16 klap
17 klappen
18 klem
19 klop
20 koffer
21 kwak
22 liegen
23 lik
24 lopen
25 mengen
26 mep
27 rennen
28 schlager
29 schok
30 schokken
31 slag
32 staking
33 stomp
34 succes
35 tik
36 tref
37 treffen
38 treffer
39 vaart
40 vliegen
41 aai
42 aaien
43 aanblazen
44 aandachtstreep
45 aaneenhechten
46 aanhalen
47 aankloppen
48 aanrijding
49 aanslaan
50 aansteken
51 aanstoot
52 aanstoot geven
53 aanval
54 achterste roeier
55 afbijten
56 afknippen
57 aflikken
58 afranselen
59 afstraffing
60 bankroet
61 bankroet gaan
62 beklopping
63 beroerte
64 besnoeien
65 bespatten
66 bespatting
67 besprenkelen
68 besprenkeling
69 bloei
70 bochel
71 boksen
72 bonzen